Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Complex Regionaal Pijn Syndroom type 1

Belangrijke thema's bij Complex Regionaal Pijn Syndroom type 1:

Ook wel: CRPS, posttraumatische dystrofie (PD)

Het Complex Regionaal Pijn Syndroom (CRPS) kan ontstaan nadat u een botbreuk, kneuzing, wond of ander letsel hebt gehad. Op die plek krijgt u heftige pijn. De pijn heeft niet met het eerdere letsel te maken. Er is geen goede verklaring voor.

De meeste mensen genezen binnen enkele weken of maanden van CRPS. Maar het is ook mogelijk dat de pijn aanhoudt. Die is dan chronisch geworden. In Nederland zijn ongeveer 20.000 mensen met chronische CRPS.

Er zijn verschillende typen CRPS. De pagina gaat over type 1. Bij CRPS-type 2 is er schade aan de zenuwen ontstaan. Dat komt bijna niet voor.

Verberg

CRPS komt vooral voor aan een arm of been. Naast pijn kunnen er nog andere klachten zijn:

  • In het begin kan de pijnlijke plek overgevoelig zijn. Zelfs aanraken doet pijn.
  • De arm of het been zwelt op en wordt rood. Ook voelt de ledemaat warm aan.
  • De pijn breidt zich verder uit.
  • Bewegen gaat moeilijk. Na het bewegen nemen de klachten toe.
  • De arm of het been kan zweterig aanvoelen. Ook groeien haren en nagels er sneller.
  • De ledemaat kan gaan trillen of verkrampen.

Het is ook mogelijk dat de arm of het been koud aanvoelt en een blauwe kleur krijgt. Bij ‘koude CRPS’ gaat u juist minder zweten. Ook neemt de groei van haren en nagels af.

Verberg

De oorzaak is (nog) onbekend. Mogelijk is er een erfelijke aanleg. Ook hormonen zouden een rol kunnen spelen. CRPS komt meer voor bij vrouwen. Verder komt CRPS relatief vaak voor bij mensen met astma, osteoporose en migraine. En bij mensen die ACE-remmers gebruiken. Dit zijn medicijnen tegen hoge bloeddruk.

Er is geen verband tussen de ernst van de klachten en het eerdere letsel. Na een schaafwondje kunnen ernstige klachten ontstaan. Na een zware verwonding kan het om lichte CRPS gaan. Dit kan per persoon sterk verschillen. Een enkele keer ontstaan de klachten vanzelf, dus zonder letsel.

Verberg

Een arts stelt de diagnose op basis van uw verhaal en lichamelijk onderzoek. Er is geen onderzoek dat echt kan aantonen dat u CRPS hebt. Het is niet zichtbaar in uw bloed of op een röntgenfoto. Soms doet een arts nog wel aanvullend onderzoek. Dat is om na te gaan of de klachten echt geen andere oorzaak hebben.

Verberg

Niet iedereen heeft dezelfde klachten. Ook zijn ze niet bij iedereen even erg. Daarom verschilt de behandeling per persoon.

De behandeling kan bestaan uit de volgende onderdelen:

De behandeling start met medicijnen die scavengers heten (ook wel: vrije radicalen vangers) . U krijgt deze medicijnen in de vorm van een crème. De crème smeert u op de pijnlijke plek. Bij koude CRPS krijgt u bruistabletten.

Tegen de pijn en zwelling gebruikt u pijnstillers. Bij koude CRPS krijgt u soms middelen om de doorbloeding te verbeteren. Soms schrijft de arts nog andere medicijnen voor. Het is afhankelijk van uw klachten welke dit zijn.

Lees meer over medicijnen bij CRPS.

Van de fysiotherapeut krijgt u oefeningen voor uw arm of been. U leert uw arm of been weer zo goed mogelijk gebruiken. U verlegt uw pijngrens op een veilige manier. Soms geeft de fysiotherapeut nog een aanvullende behandeling. Bijvoorbeeld massage of elektrische stimulatie van de zenuwen (TENS).

Bij blijvende klachten kan een ergotherapeut u helpen. Hij leert u dagelijkse handelingen op een andere manier uit te voeren. Bijvoorbeeld koken zonder uw pijnlijke arm te gebruiken. Zo blijft u zelfstandig.

Lees meer over ergotherapie.

 

CRPS kan veel invloed op uw leven hebben. Zeker als de klachten aanhouden. U kunt dan sombere of angstige gevoelens krijgen. Een psycholoog leert u hoe u met de nieuwe situatie kunt omgaan.

Soms helpen medicijnen onvoldoende tegen de pijn. Dan zijn nog andere behandelingen mogelijk. Bijvoorbeeld ruggenmerg-stimulatie. Hierbij wordt de pijn onderdrukt met elektrische prikkels. U krijgt hiervoor een verwijzing naar een speciaal pijncentrum.

Lees meer over de behandeling van pijn bij CRPS.

Gaan de klachten niet over? Dan kan revalidatie zinvol zijn. Het doel van de revalidatie is dat u een zo goed mogelijk leven kunt leiden, ondanks uw klachten. Er zijn speciale revalidatieprogramma’s voor mensen met chronische pijn. Bij het programma zijn verschillende zorgverleners betrokken. Bijvoorbeeld een fysiotherapeut, ergotherapeut, maatschappelijk werker en psycholoog.

Lees meer over pijnrevalidatie.

Zoek een revalidatie-instelling.

Verberg

U kunt met verschillende behandelaars te maken krijgen. Maar er is één hoofdbehandelaar. Meestal is dit de arts die de diagnose heeft gesteld. Hij schakelt de andere behandelaars in.

De hoofdbehandelaar houdt in de gaten of de behandeling goed verloopt. Hij bespreekt dit geregeld met u. Als het nodig is, past hij de behandeling aan.

Verberg
  • Hoe eerder de behandeling start, hoe beter. Er is dan meer kans op genezing. Ga naar uw (huis)arts als u klachten hebt.
  • Er is geen standaardbehandeling voor CRPS. Samen met uw behandelaars zoekt u naar een behandeling die u helpt. Probeer zo goed mogelijk samen te werken. Houd uw behandelaars op de hoogte van uw klachten. En van het effect van de medicijnen of een therapie. Vertel ook als u andere problemen hebt door CRPS. Bijvoorbeeld op uw werk, of in de omgang met andere mensen.
  • Het kan prettig zijn om contact te hebben met mensen die ook CRPS hebben. Zij weten wat u doormaakt. Misschien hebben zij handige tips voor u. Lotgenoten kunt u ontmoeten via de patiëntenvereniging.
Verberg

Zoek contact met lotgenoten

Meer weten over CRPS type 1?

Bron: Brochure Complex Regionaal Pijn Syndroom

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 23 oktober 2018.

Deel deze pagina via: