Direct naar inhoud
www.kiesBeter.nl gebruikt analytische cookies om het gebruik van de website te analyseren en daarmee de website te kunnen verbeteren. Lees meer over cookies en hoe u cookies kunt uitschakelen. Sluiten

Q-koorts

Belangrijke thema's bij Q-koorts:

Q-koorts is een ziekte die overgaat van dier op mens. Geiten, schapen, koeien en andere dieren dragen soms de bacterie Coxiella burnetii bij zich. Als de bacterie in de lucht komt, ademt u hem misschien in. Dan kunt u Q-koorts krijgen. Er is meer risico als u in de buurt van een boerderij woont. Of als u op een boerderij werkt.

Bij acute Q-koorts krijgt u griepachtige verschijnselen. Bijvoorbeeld spierpijn, hoofdpijn, hoesten en koorts. Bij de meeste mensen gaan de klachten snel weer over. Net als bij een gewone griep. Maar sommige mensen krijgen ernstige klachten. Bijvoorbeeld longontsteking. Of de klachten houden heel lang aan. Soms zelfs jaren.

Tussen 2007 en 2011 was er in Nederland een uitbraak van Q-koorts. Maar verder komt het weinig voor. Het begon als een onbekende ziekte. Q staat voor ‘Query’. Dat is het Engelse woord voor vraagteken.

Q-koorts heeft in de eerste plaats lichamelijke gevolgen. Maar het kan ook leiden tot  psychische problemen. Vaak omdat patiënten te maken krijgen met onbegrip.

Verberg

Niet iedereen die besmet is wordt ziek. Ongeveer de helft van de mensen krijgt geen klachten. Dit heet asymptomatische Q-koorts. De andere helft krijgt klachten die ook bij een gewone griep voorkomen. Bijvoorbeeld:

  • Een ziek gevoel.
  • Koorts met koude rillingen.
  • Erge hoofdpijn.
  • Hoesten.
  • Spierpijn.
  • Gewrichtspijn.
  • Zweten (vooral ’s nachts).
  • Misselijkheid.
  • Overgeven of diarree.
  • Vermoeidheid.

Ernstige klachten

Sommige mensen krijgen daarnaast ook ernstige klachten. Bijvoorbeeld:

  • Longontsteking. U moet dan veel hoesten en hebt pijn op de borst.
  • Leverontsteking. U hebt dan last van buikpijn, misselijkheid, overgeven en diarree.
Verberg

Sommige mensen krijgen chronische Q-koorts. Ze blijven klachten houden. Bijvoorbeeld benauwdheid en een koortsig en rillerig gevoel. Het is ook mogelijk dat de klachten pas veel later ontstaan. Soms zelfs jaren later. Dat kan ook gebeuren bij mensen die eerst helemaal geen klachten hadden (asymptomatische Q-koorts).

Bij chronische Q-koorts kan een ontsteking ontstaan aan het hart of de bloedvaten. Dan is sprake van vasculaire chronische Q-koorts. Dat is een levensgevaarlijke ziekte.

Chronische Q-koorts komt vooral voor bij mensen die al hartpatiënt of vaatpatiënt waren. Het gaat dan om mensen met een hartklepafwijking, een afwijking aan de grote slagaderen (aneurysma) en mensen met kunstmaterialen bij de bloedvaten of hartkleppen. Ook mensen met een zwakke afweer lopen meer risico. Het gaat bijvoorbeeld om mensen met een ernstige ziekte als kanker of aids. Of mensen die medicijnen gebruiken die het afweersysteem onderdrukken. Zoals chemotherapie.

Lees meer over de gevolgen van Q-koorts op lange termijn.

Verberg

Veel mensen zijn na de Q-koorts nog erg moe. Ook andere klachten kunnen lang aanhouden. Bijvoorbeeld spierpijn, gewrichtsklachten en concentratieproblemen. Duren de klachten langer dan een half jaar? Dan hebt u waarschijnlijk het Q-koortsvermoeidheidssyndroom (QVS).

Over QVS is nog weinig bekend. Het is bijvoorbeeld niet duidelijk hoe de klachten kunnen ontstaan. Want de infectie is weg. Er is ook nog geen goede behandeling voor QVS. Wel toont een recente Qure-studie aan dat antibiotica niet werkt. En dat 50% van de patiënten baat heeft bij cognitieve gedragstherapie (CGT). Deze therapie leert mensen anders om te gaan met hun ziekte.

Lees meer over de gevolgen van Q-koorts op lange termijn.

Verberg

De oorzaak van Q-koorts is de bacterie Coxiella burnetii. Door de bacterie krijgt u een infectie. Dieren kunnen de bacterie bij zich dragen. In Nederland gaat het vooral om geiten en schapen. U kunt de bacterie binnenkrijgen door:

  • De bacterie in te ademen.
    De bacterie komt in de lucht als de besmette geiten en schapen lammetjes krijgen. Dat is in de periode van februari tot en met mei. Maar de bacterie kan lang overleven. In de rest van het jaar loopt u dus ook gevaar. De kans op inademing is het grootst in de omgeving van een boerderij met besmette dieren. Het gebied van 5 kilometer rondom de boerderij is een risicogebied.
  • Contact met besmette dieren.
    U kunt de bacterie ook binnenkrijgen als u besmette dieren aanraakt. Of hun urine, mest, stro of hooi.
  • Producten met rauwe melk.
    De bacterie zit ook in de melk van de besmette dieren. Gebruik daarom geen producten met rauwe melk. De meeste melk en kaas in Nederland is gepasteuriseerd. Dat is wel veilig. Ook het vlees van de besmette dieren kunt u gewoon eten.

Q-koorts is dus een infectieziekte die van dieren kan overgaan op mensen. Dat heet zoönose. Mensen kunnen elkaar niet besmetten. Als u Q-koorts hebt gehad, kunt u het niet opnieuw krijgen.

Kunt u besmetting met Q-koorts voorkomen?

Besmetting is bijna niet te voorkomen, omdat de bacterie in de lucht zit. Maar u kunt wel maatregelen nemen om de kans op besmetting kleiner te maken.

  • Heerst er Q-koorts in een gebied? Ga er dan niet heen als dat niet nodig is.
  • Was uw handen met water en zeep als u dieren hebt aangeraakt die misschien besmet zijn. Droog uw handen af met papieren handdoekjes. Gooi die weg na gebruik.

  • Drink geen rauwe melk en gebruik geen producten met rauwe melk.

  • Stop met roken. Q-koorts komt vaker voor bij mensen die roken.

  • Mensen die met dieren werken kunnen nog meer voorzorgsmaatregelen nemen.

  • Laat bedrijfskleding op het werk.

In Nederland worden geiten en schapen van melkveebedrijven ingeënt tegen Q-koorts. Geiten en schapen op kinderboerderijen ook. Daardoor is er minder kans op Q-koorts.

 

Verberg

Bent u in een gebied geweest waar Q-koorts heerst? Ga dan naar de huisarts als u na 2 tot 6 weken griepachtige verschijnselen krijgt.

Bekijk in welke gebieden Q-koorts voorkomt.

Voor de volgende groepen is het extra belangrijk om op tijd naar de huisarts te gaan:

  • Zwangere vrouwen.
  • Mensen met een afwijking aan een hartklep of grote slagader (aneurysma). En mensen die daaraan zijn geopereerd.
  • Mensen met een verminderde afweer. Bijvoorbeeld door een ernstige ziekte als kanker of aids. Of door medicijnen die het afweersysteem onderdrukken.

Zij lopen meer risico op ernstige en langdurige klachten. Hoe eerder de behandeling begint, hoe beter.

Verberg

De huisarts luistert naar uw verhaal en doet lichamelijk onderzoek. Daarna besluit hij of bloedonderzoek nodig is. Als u besmet bent, zijn in het bloed afweerstoffen tegen de bacterie te zien.

Bij ernstige klachten zijn soms nog aanvullende onderzoeken nodig. Bijvoorbeeld een röntgenfoto van de longen of een echo van het hart.

De behandeling bestaat uit een antibioticakuur met het middel doxycycline. Zwangere vrouwen en kinderen krijgen het middel trimethoprim-sulfamethoxazol. De kuur duurt 2 weken. Door de antibiotica verdwijnen de klachten sneller. Maak een antibioticakuur altijd af, ook als u zich weer beter voelt.

Bij sommige mensen is het risico groot dat de Q-koorts chronisch wordt. Zij moeten langer antibiotica gebruiken:

  • Mensen met een verminderde afweer krijgen een kuur van 3 weken.
  • Mensen met een hartklepafwijking of een aneurysma moeten wel 6 tot 12 maanden antibiotica gebruiken.
  • Zwangere vrouwen krijgen meestal antibiotica voor de rest van de zwangerschap.

Lees meer over antibiotica.

Ook bij chronische Q-koorts bestaat de behandeling uit antibiotica. U krijgt een combinatie van verschillende soorten antibiotica. Die moet u 1 tot 2 jaar gebruiken.

Lees over antibiotica bij chronische Q-koorts.

Soms zijn nog andere behandelingen nodig. Bijvoorbeeld een operatie als de hartklep ontstoken is.

Voor het Q-koortsvermoeidheidssyndroom is nog geen goede behandeling. Dat komt omdat nog niet duidelijk is hoe de klachten ontstaan. Wel toont een recente Qure-studie aan dat antibiotica niet werkt. En dat 50% van de patiënten baat heeft bij cognitieve gedragstherapie (CGT). U krijgt dan hulp van een psychotherapeut. Die helpt u anders om te gaan met uw klachten.

Lees de brochure Cognitieve gedragstherapie bij omgang met lichamelijke klachten.

Verder lijkt het erop dat bewegen helpt om de klachten te verminderen. Er is zelfs een speciaal beweegprogramma voor mensen met Q-koorts. Hierbij krijgt u begeleiding van een fysiotherapeut. U volgt het programma samen met een groepje andere patiënten. Let op: dit programma wordt niet vergoed vanuit de basisverzekering.

Bekijk een filmpje over het beweegprogramma.

Lees meer over de beweeggroep.

Verberg
  • Doe het rustig aan. Net als bij een gewone griep.
  • Drink veel water.
  • U kunt andere mensen niet besmetten. U hoeft dus geen speciale voorzorgsmaatregelen te nemen.

Bij langdurige klachten

Hebt u chronische Q-koorts of het Q-koortsvermoeidheidssyndroom? Dan kan het prettig zijn om in contact te komen met lotgenoten. Die kunt u ontmoeten via Stichting Q-uestion.

Langdurige klachten kunnen veel invloed op uw leven hebben. Voor ondersteuning en begeleiding kunt u terecht bij Stichting Q-Support. Via de stichting kunt u ook een training volgen over het omgaan met langdurige klachten.

Verberg

Q-support

Deze pagina is tot stand gekomen in samenwerking met Q-support. Deze stichting adviseert en begeleidt patiënten met chronische Q-koorts en QVS. Ook stimuleren zij onderzoek naar gevolgen en behandeling van Q-koorts. Q-support houdt per 1 oktober 2018 op te bestaan. Daarom wordt tussen 2017 en 2019 gewerkt aan de ontwikkeling van een steun- en adviespunt Q-koorts (STAP). STAP zal wijkteams van gemeenten gaan ondersteunen bij de zorg aan mensen met Q-koorts.

Q-support-logo

 

 

 

Zoek contact met lotgenoten

Meer weten over Q-koorts?

Q-Support, RIVM en Thuisarts.nl

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op 21 juli 2017.

Deel deze pagina via: