Ademhalingsinsufficiëntie

Medische encyclopedie

Abnormaal laag zuurstofgehalte van het bloed als gevolg van longbeschadiging

Ademhalingsinsufficiëntie treedt op als de hoeveelheid zuurstof die uit het bloed de longen bereikt, sterk is verminderd, wat tot benauwdheid en uiteindelijk hevige verwarring of bewusteloosheid leidt. Tegelijkertijd kan er een teveel aan kooldioxide in het bloed zijn.

Ademhalingsinsufficiëntie is een levensbedreigende aandoening die onmiddellijk moet worden behandeld om schade aan andere organen te voorkomen. Het hart, bijvoorbeeld, heeft voortdurend zuurstof nodig om te kunnen functioneren.

De oorzaken

Er zijn twee grote groepen factoren die tot ademhalingsinsufficiëntie leiden. Bij de eerste groep stroomt lucht normaal in en uit de longen, maar wordt er minder zuurstof aan het bloed afgedragen doordat de longblaasjes beschadigd zijn. De meest voorkomende oorzaken zijn chronische longaandoeningen, zoals longfibrose. Dit is een chronische ademhalingsinsufficiëntie.

Minder vaak raken de longblaasjes met vocht gevuld, zoals bij shocklong (hiervoor), waarbij een acute ademhalingsinsufficiëntie optreedt. In dat geval is het zuurstofgehalte van het bloed laag, maar is het kooldioxidegehalte normaal.De tweede groep bestaat uit ademhalingsstoornissen waarbij er niet genoeg lucht in en uit de longen stroomt. Dit kan plotseling optreden na een beroerte of een verwonding van het hersengebied dat de ademhaling bestuurt. Een overdosis drugs (zie Opzettelijk of niet-opzettelijk gebruik van mogelijk schadelijke stoffen) of verwonding van de borstkas kan eveneens de ademhaling belemmeren. Ademhalingsmoeilijkheden kunnen bovendien door bepaalde aandoeningen ontstaan, zoals myasthenia gravis, waarbij de ademhalingsspieren verzwakt raken. Ademhalingsstoornissen leiden gewoonlijk tot een laag zuurstofgehalte en een hoog kooldioxidegehalte van het bloed.

De symptomen

Aandoeningen die beschadiging van de longblaasjes veroorzaken, zijn bijna altijd chronisch en de symptomen ontwikkelen zich geleidelijk. Bij ademhalingsstoornissen kan ademhalingsinsufficiëntie plotseling of geleidelijk ontstaan, afhankelijk van de oorzaak.

De symptomen ontstaan door het lage zuurstofgehalte en kunnen de volgende zijn:

  • benauwdheid;
  • blauwe tint van lippen en tong (cyanose);
  • angstgevoelens;
  • verwarring;
  • zweten.

Daarnaast ontstaan symptomen door het hoge kooldioxidegehalte in het bloed, zoals hoofdpijn en slaperigheid.

De diagnose

De diagnose van ademhalingsinsufficiëntie wordt meestal gesteld door naar de symptomen te kijken. De ernst van de aandoening kan worden bepaald door meting van het zuurstof- en kooldioxidegehalte van het bloed (zie Bloedgas meten). Als de oorzaak niet gemakkelijk te vinden is, kan verder onderzoek nodig zijn.

Ademhalingsinsufficiëntie door permanente schade aan de longblaasjes kan niet worden behandeld, behalve met een longtransplantatie. De symptomen kunnen echter worden verlicht door zuurstoftherapie (zie Zuurstoftherapie).

Als u ademhalingsinsufficiëntie krijgt door een ademhalingsstoornis, moet u misschien kunstmatig worden beademd. Dit gebeurt meestal in het ziekenhuis. In bepaalde gevallen zoals spieraandoeningen of bepaalde hersenziekten, moet dit ook thuis worden voortgezet onder controle en begeleiding van het centrum voor thuisbeademing.

Als ademhalingsinsufficiëntie plotseling door een ademhalingsstoornis ontstaat, is herstel mogelijk als de oorzaak kan worden behandeld. Chronische ademhalingsinsufficiëntie gaat meestal niet over, maar de symptomen kunnen worden beheerst door langdurige zuurstoftherapie en/of thuisbeademing.

Risicofactoren

Leeftijd
Geen factoren van betekenis
Geen factoren van betekenis
Geen factoren van betekenis
Geslacht
Geen factoren van betekenis
Erfelijkheid
Geen factoren van betekenis
Leefwijze
Geen factoren van betekenis

Andere gerelateerde onderwerpen

U bevindt zich hier:

U gebruikt een verouderde webbrowser, wij raden u aan over te schakelen naar een van onderstaande moderne internetbrowsers.